Home > Kunst en cultuur > ‘Beeldende kunst telt niet in Arnhem’

woensdag 9 nov 2011‘Beeldende kunst telt niet in Arnhem’

Als de studierichting Fi­ne Art van hogeschool ArtEZ uit Arnhem verdwijnt, dan heeft de stad dat deels aan zichzelf te wij­ten. Dat stellen GroenLinks-raads­lid Tobias de Groot en kunstenaar Rob Voerman in reactie op de dis­cussie binnen ArtEZ over de toe­komst van deze studierichting.

De focus in de stad ligt te veel op mode; beeldende kunst telt steeds minder mee, stellen ze.

ArtEZ wil het aantal studenten Fi­ne Art (de opleiding tot beeldend kunstenaar) verlagen van 475 naar 350. Op dit moment is dat ver­deeld over Enschede (265), Arn­hem ( 120) en Zwolle ( 90).

Of er één locatie wordt afgestoten of dat elke locatie een aantal stu­denten inlevert, is momenteel on­derwerp van studie. Binnen Ar­tEZ- Arnhem leeft de vrees dat de­ze locatie aan het kortste eind zal trekken en wordt afgestoten, ten gunste van Enschede.

Volgens De Groot spelen omge­vingsfactoren een rol in die discus­sie. “We praten in Arnhem al jaren over voldoende ateliers en creatie­ve broedplaatsen voor kunste­naars, maar er wordt geen voort­gang geboekt”, stelt hij. “Wethou­der Van Wessem zou in juni met voorstellen komen over het gebrui­ken van leegstaande kantoren als ateliers, maar tot nu toe blijft het stil. Ook is het lang wachten op een volgende Sonsbeek-tentoon­stelling. Dat zijn allemaal dingen waar ArtEZ ook naar kijkt.”

Het raadslid stelt dat de focus in Arnhem te veel op mode is ge­richt. “Beeldende kunst is ook heel belangrijk. Er werken veel mensen, bovendien inspireert kunst de mode. Arnhem heeft een traditie op het gebied van beelden­de kunst, maar de stad moet wel aan ArtEZ laten merken dat ze dit op waarde weet te schatten.”

Beeldend kunstenaar Rob Voer­man sluit zich daarbij aan. “Het zou heel slecht voor Arnhem en de academie zijn als de richting vrije kunst hier verdwijnt. Zo hol je de opleiding uit, want alle disci­plines beïnvloeden elkaar”, zegt hij. “ Maar eerlijk gezegd verdient Enschede deze studierichting meer dan Arnhem. Enschede lijkt beeldende kunst wel te waarderen en heeft daar stevig in geïnves­teerd. In Arnhem is de afgelopen jaren uitsluitend de mode- mantra te horen en wordt cultuurbeleid verward met citymarketing. Mode­ontwerpers worden in de watten gelegd. Daarnaast lijken beeldend kunstenaars zowat niet meer te be­staan in deze stad.” Voerman memoreert de sluiting van het CBKG, de teloorgang van kunst in de openbare ruimte en het ontbreken van een consistent atelierbeleid en tentoonstellings­programma. “ Arnhem kan een voorbeeld nemen aan Enschede.”

Bron: De Gelderlander 8 november 2011

Tobias De Groot op